Dichtblok

(seal block)

Afdichting tussen bouwkuip en omringende slappe grond bij de bouw van boortunnels

Startschacht Scheldeplein ten behoeve van de boormachines NZ-lijn (foto: Wikipedia)
Startschacht Scheldeplein ten behoeve van de boormachines NZ-lijn (foto: Wikipedia)

Nadere omschrijving

Bij de bouw van een boortunnel start de tunnelboormachine vanuit een bouwkuip, de startschacht genoemd en eindigt in de 'ontvangstschacht'.

Wanneer een tunnelboormachine door de wand van de startschacht of de ontvangstschacht wil boren, bestaat de kans dat hierdoor grond en water de schacht in loopt. Daarom wordt een zogenoemd dichtblok gebruikt. Het dichtblok kan bestaan uit grond die met grout is geïnjecteerd of op een andere manier is  behandeld, waardoor het enige sterkte heeft en vrijwel ondoordringbaar is voor water. Het is echter ook mogelijk om het dichtblok ter plaatse met een mortel of grout te maken. Het spreekt voor zich dat de tunnelboormachine nog wel door het blok heen moet kunnen boren. Het dichtblok wordt daarom van een speciale lagesterktebeton gemaakt.

Normen/aanbevelingen/literatuur

  • NEN-EN 206, Beton + NEN 8005, Nederlandse invulling van NEN-EN 206, Beton (€)

  • NEN-EN 1992 Eurocode 2, Ontwerp en berekening van betonconstructies (€)

  • Kracht en Vorm, prof.ir.J.Oosterhoff, Bouwen met Staal (€)

  • NEN-EN 13670, Het vervaardigen van betonconstructies en NEN 8670 Ontw. nl, Aanvullende voorschriften bij NEN-EN 13670 (€)

  • EN 6722 Uitvoering van betoncontructies (door NEN ingetrokken, maar voor de onderdelen die ontbreken in NEN 13670 is tekst de basis zolang NEN 8670 nog niet definitief is) (€)

Geplaatst op vrij. 10 jul. 2020Laatst aangepast op vrij. 10 jul. 2020